Zoals wij eerder hebben bericht, is per 1 augustus 2022 de Wet Transparante en Voorspelbare Arbeidsvoorwaarden in werking getreden.

Onlangs is de eerste materiële uitspraak over deze wet verschenen. In deze uitspraak maakt Rechtbank Noord-Holland duidelijk dat (het nieuwe) artikel 7:653a BW – i.e. de beperking van het verbod op nevenwerkzaamheden – op 1 augustus 2022 onmiddellijk in werking is getreden en ook van toepassing is op arbeidsovereenkomsten die zijn gesloten vóór deze datum. Het gevolg is dat per 1 augustus jl. werkgevers ook voor ”oude” nevenwerkzaamhedenbedingen alsnog een objectieve rechtvaardiging nodig hebben. Lees in deze uitspraak meer over hoe Rechtbank Noord-Holland dit artikel verder heeft toegepast.
Werknemer, werkzaam als Service Support IATA, heeft op 23 mei 2022 in een gesprek met haar werkgever kenbaar gemaakt dat zij een einde wenst aan de arbeidsovereenkomst. Hierbij heeft zij ook gevraagd of het mogelijk is om een vaststellingsovereenkomst te sluiten. De werkgever heeft dit verzoek geweigerd. De werknemer heeft dit bevestigd en benadrukt dat er van haar zijde dan geen opzegging heeft plaatsgevonden. De werkgever heeft echter aangegeven dat zij er toch van uitgaat dat de arbeidsovereenkomst op 23 mei 2022 is opgezegd. De werknemer vordert als gevolg hiervan in kort geding wedertewerkstelling en loondoorbetaling. De werkgever stelt op haar beurt dat de werknemer door een airbnb te runnen het nevenwerkzaamhedenbeding heeft overtreden en hiermee een boete van EUR 10.000,- heeft verbeurd.
Het is in dit geval aan Rechtbank Noord-Holland om te beoordelen:
- Of de werknemer de arbeidsovereenkomst op 23 mei 2022 heeft opgezegd, en
- Of de werknemer het nevenwerkzaamhedenbeding in haar arbeidsovereenkomst heeft overtreden en hiermee een boete van EUR 10.000,- heeft verbeurd.






